Wetten en Regels

Wetten en Regels

Wat zijn de belangrijkste wetten en regels waar de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) in het kader van het terugkeerbeleid mee te maken heeft? De links leiden naar de originele (wet)teksten.

Vreemdelingenwet 2000

Deze wet regelt de toegang, toelating, toezicht en uitzetting van vreemdelingen.

Vreemdelingenwet 2000

Vreemdelingenbesluit 2000

Hierin wordt meer in detail de toegang, toelating, toezicht en uitzetting van vreemdelingen geregeld.

Vreemdelingenbesluit 2000

Voorschrift Vreemdelingen 2000

Het Voorschrift vreemdelingen bevat een nadere uitwerking van de regels inzake toegang, toelating, toezicht en terugkeer van vreemdelingen.

Voorschrift Vreemdelingen 2000

Vreemdelingencirculaire 2000

Hierin zijn de beleidsregels opgenomen.

Vreemdelingencirculaire 2000

Artikel 3 Vw 2000

Dit artikel heeft betrekking op ‘aan de grens geweigerde vreemdelingen’ en bevat de gronden voor weigering van de toegang tot Nederland. De toegang tot Nederland is hen geweigerd op een Schengenbuitengrens (bijvoorbeeld Schiphol).

Artikel 3 Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 6 Vw 2000

Op grond van artikel 6 Vw kunnen aan de grens geweigerde vreemdelingen in vreemdelingenbewaring worden gesteld.

Artikel 6 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 6a Vw 2000

Artikel 6a Vw bepaalt dat aan de grens geweigerde vreemdelingen in bewaring kunnen worden gesteld met het oog op de overdracht aan een verantwoordelijke lidstaat op grond van de Dublinverordening.

Artikel 6a Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 7 Vw 2000

In dit artikel is vastgelegd dat een weigering van de toegang van kracht blijft ook als de vreemdeling op grond van een wettelijke bepaling van zijn vrijheid is ontnomen. Dit betreft bijvoorbeeld strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen of vreemdelingen in Nederlandse gevangenissen in afwachting van hun berechting door een internationaal gerecht. Op grond van artikel 7 Vw is het mogelijk om de vreemdeling na vrijlating uit strafdetentie op grond van artikel 6 Vw van zijn vrijheid te ontnemen.

Artikel 7 Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 56 Vw 2000

Dit betreft een maatregel die de bewegingsvrijheid van een vreemdeling beperkt. Hiermee kan aan een vreemdeling de verplichting worden opgelegd te verblijven in een bepaald gedeelte van Nederland.

Artikel 56 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 59 Vw 2000

Artikel 59 Vw betreft een vrijheidsontnemende maatregel die moet voorkomen dat illegale vreemdelingen die Nederland dienen te verlaten zich onttrekken aan hun uitzetting. Het gaat daarbij om vreemdelingen die geen verblijfsrecht (meer) hebben in Nederland en die Nederland moeten verlaten. De insluiting van deze vreemdelingen vindt plaats in een huis van bewaring of - als het een alleenstaande minderjarige vreemdeling betreft - een justitiële jeugdinrichting.

Artikel 59 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 59a Vw 2000

Artikel 59a Vw betreft een maatregel waarbij illegale vreemdelingen op wie de Dublinverordening van toepassing is, met het oog op de overdracht aan een verantwoordelijke lidstaat in bewaring gesteld kunnen worden.

Artikel 59a Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 61 Vw 2000

Dit artikel bepaalt dat een vreemdeling die niet of niet langer rechtmatig verblijf in Nederland heeft, het land uit eigen beweging dient te verlaten.

Artikel 61 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 62 Vw 2000

Dit artikel beschrijft de termijn waarbinnen een vreemdeling die niet of niet langer rechtmatig verblijf in Nederland heeft, het land dient te verlaten.

Artikel 62 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 62a Vw 2000

De vreemdeling wordt door middel van een terugkeerbesluit in kennis gesteld van de verplichting Nederland uit eigen beweging te verlaten en van de termijn waarbinnen hij aan die verplichting moet voldoen.

Artikel 62a Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 62b Vw 2000

Dit artikel bepaalt dat de vreemdeling schriftelijk in kennis wordt gesteld van het besluit om hem over te dragen aan de verantwoordelijke lidstaat op grond van de Dublinverordening.

Artikel 62b Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 62c Vw 2000

Dit artikel bepaalt de termijn waarbinnen de vreemdeling Nederland na een overdrachtsbesluit moet verlaten.

Artikel 62c Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 63 2000

Dit artikel bepaalt dat een vreemdeling die Nederland niet vrijwillig verlaat - binnen de daartoe gestelde termijn - kan worden uitgezet.

Artikel 63 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 63a Vw 2000

Dit artikel bepaalt dat een vreemdeling aan wie een overdrachtsbesluit is uitgevaardigd en die Nederland niet vrijwillig verlaat overgedragen kan worden aan een verantwoordelijke lidstaat in de zin van de Dublinverordening.

Artikel 63a Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 64 2000

Dit artikel regelt dat uitzetting achterwege blijft zolang het, gelet op de gezondheidstoestand van de vreemdeling of van één van zijn gezinsleden, niet verantwoord is om te reizen. Dit is een tijdelijke maatregel die enkel gericht is op opschorting van de uitzetting.

Artikel 64 (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 65 Vw 2000

Dit artikel ziet op de verplichting van vervoersondernemingen om de vreemdeling terug te geleiden.

Artikel 65 Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Artikel 66 Vw 2000

Artikel 66 Vw ziet op de uitvaardiging van een inreisverbod.

Artikel 66 Vw (Vreemdelingenwet 2000)

Richtlijn 2008/115/EG (Europese Terugkeerrichtlijn)

De Terugkeerrichtlijn stelt gemeenschappelijke regels vast voor de terugkeer en het vertrek van illegale vreemdelingen die op het grondgebied van de Europese Unie verblijven. Het doel van de richtlijn is het ontwikkelen van een doeltreffend verwijderings- en terugkeerbeleid binnen de Europese Unie. Met de introductie van de Terugkeerrichtlijn zijn ook het terugkeerbesluit en het inreisverbod geïntroduceerd.

Richtlijn 2008/115/EG (Europese Terugkeerrichtlijn)

Verordening Dublin III (EU nr. 604/2013)

Verordening Dublin III is een Europese Verordening die beschrijft hoe kan worden bepaald welk land verantwoordelijk is voor de behandeling van een verzoek om internationale bescherming (asiel).

Als op grond van onderzoek blijkt dat een ander land dan Nederland verantwoordelijk is voor een asielverzoek, dan wordt het asielverzoek in Nederland afgewezen. Vreemdelingen die in Nederland geen asiel aanvragen, maar dat eerder in een ander Schengenland wel deden, kunnen ook aan dat andere land worden overgedragen. Zie ook Dublin-claim.

Verordening Dublin III (EU nr. 604/2013)

VN-Vluchtelingenverdrag (1951)

In dit verdrag (ook wel Verdrag van Genève genoemd) is vastgelegd wanneer een asielzoeker recht heeft op het erkende vluchtelingenschap. Alle landen die het verdrag hebben ondertekend, waaronder Nederland, zijn verplicht zich aan de afspraken te houden. Dit verdrag is de basis voor het asielbeleid van Nederland.

Verdrag betreffende de status van vluchtelingen

Artikel 1F (Vluchtelingenverdrag)

Hierin wordt bepaald dat het Vluchtelingenverdrag niet van toepassing is op personen ten aanzien van wie ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat deze persoon (onder andere) een misdrijf heeft begaan tegen de menselijkheid of een oorlogsmisdrijf heeft begaan.

Artikel 1F (Vluchtelingenverdrag)